200 dòng đầu tiên.
Wanneer komen wij elkaar weer tegen?
Bij donder, bliksem of in regen?
Als we geen krijgsgewoel meer horen.
De slag gewonnen is en verloren.
Waar zal 't zijn?
Op gindse hei.
Daar komt Macbeth aanstonds voorbij. Daar komt Macbeth aanstonds voorbij.
Goed is kwaad, en kwaad is goed.
Vlieg mist en dampen tegemoet.
Heil, dapp're vriend.
Vertel de koning hoe de strijd verging toen gij vertrok.
Het spande erom.
Als twee zwemmers die uitgeput elkaar omklemmen en verstikken.
Macdonwald was meedogenloos, terwijl Fortuna hem toelachte…
…als ware ze z'n hoer.
Maar 't hielp hun niet.
Dapp're Macbeth, die naam heeft hij verdiend…
…trotseerde haar met z'n getrokken zwaard, dat bloed'rig dampte…
…en hakte, lieveling van Moed, een pad tot voor de schelm. …en hakte, lieveling van Moed, een pad tot voor de schelm.
Eer die een hand of afscheidsgroet kon geven…
…doorkliefde hij 'm van z'n hals tot navel en spiesde z'n hoofd op onze tinnen.
Dapp're neef. Waardig edelman.
Nauw dreef gerechtigheid, gesterkt door moed, de lichtvoetige Ieren voor zich uit…
…of de Noorse vorst zag z'n kans schoon om met blanke wapens…
…en verse troepen weer aan te vallen.
Ontzette dit niet de generaals Macbeth en Banquo?
Ja.
Als mussen adelaars of als hazen leeuwen.
Dus sloegen zij driedubbel op de vijand in.
Ik weet niet of…
M'n wonden vragen om hulp.
God zegen de koning.
Vanwaar komt gij, waarde thaan?
Van Fife, groot vorst…
…waar Noorse vanen de lucht bespotten en de onzen kou toewaaien. …waar Noorse vanen de lucht bespotten en de onzen kou toewaaien.
De Noor, met vreselijke overmacht, en bijgestaan door die lage verrader…
…de thaan van Cawdor, begon een grimmig gevecht.
Totdat Macbeth en Banquo, koen in staal, hem tegentraden en zich met hem maten.
Kling tegen kling, arm tegen arm en zo z'n drieste moed bedwongen.
En kort gezegd…
…de zege is aan ons.
Heuglijk nieuws.
Niet langer zal de thaan van Cawdor ons bedriegen.
Laat hem met z'n leven boeten.
Ik zorg ervoor.
En ga met z'n titel…
…Macbeth begroeten.
Waar waart gij, zuster?
Zwijnen doden.
Zuster, en gij?
Kijk wat ik heb.
Laat zien, laat zien.
Hier heb ik een zeemans duim, die huiswaarts omkwam in het schuim.
Een trommel tromt.
Macbeth die komt.
Ja.
In een zeef volg ik z'n vaart.
Als een rat zonder staart, doe ik 't, doe ik 't, doe ik 't.
Dor als hooi droog ik hem uit. Dor als hooi droog ik hem uit.
Tot geen slaap z'n ogen sluit.
Dag of nacht, geen enkel uur…
…nergens vindt hij rust noch duur.
Negenmaal negenmaal zeven dagen…
…zal hij verkomm'ren, kwijnen, klagen.
Noodlotszusters, hand in hand.
Zwevend over zee en land.
Draaien, draaien in het rond.
Driemaal uw deel, driemaal 't mijn.
En nog driemaal, 't moet…
…negen zijn.
Stil.
De toverkring is klaar.
Zo'n barre, schone dag beleefd' ik nooit.
Hoe ver naar Forres?
Wat zijn dit? Zo verschrompeld en wild in hun kledij…
…dat ze niet op aardbewoners lijken en toch zijn ze hier.
Leeft gij? Zijt ge iets dat antwoordt?
Spreekt als ge kunt. Wat zijt ge?
Heil u, Macbeth.
Heil, heil u, thaan van Glamis.
Heil u, Macbeth. Heil, heil u, thaan van Cawdor.
Heil u, Macbeth.
Gij die eens koning wordt.
Zijt gij een schijnbeeld of wat gij ons toont? Zijt gij een schijnbeeld of wat gij ons toont?
Als gij in het zaad der tijd kunt zien welke granen zullen groeien en welke niet…
…spreek dan tot mij, die uw gunst niet verzoekt of vreest.
Kleiner dan Macbeth, en groter.
Minder gelukkig, toch gelukkiger.
Gij, zelf geen vorst, zult koningen verwekken.
Heil u, Macbeth en Banquo.
Banquo en Macbeth.
Heil u.
Zeg meer, raadselvolle spreeksters.
Ik weet dat ik thaan van Glamis ben, maar hoezo Cawdor?
De thaan van Cawdor leeft, een welvarend heer.
En koning worden gaat 't geloof voorbij.
Zeg vanwaar deze vreemde tijding komt.
En waarom treedt gij op dees barre hei ons in de weg met zo'n profetengroet?
De aarde vormt zoals 't water bellen.
Daar kwamen ze uit. Waar zijn ze gebleven?
Wat tastbaar scheen, vervloog als adem in de wind.
Waren ze nog maar hier.
Stond zulks hier als dat waarvan wij spreken?
Of hebben we het dolkruid gegeten dat de rede gevangenneemt?
Uw kinderen worden koning.
Gijzelf wordt koning.
En thaan van Cawdor ook. Was het niet zo?
Zo was de wijs en de tekst. Zo was de wijs en de tekst.
Wie is daar?
Met grote vreugde, Macbeth, ontving de koning de tijding van uw zege.
En toen hij las hoe gij persoonlijk de opstandeling versloeg…
…overmeesterde z'n stomheid z'n lof, waarop gij recht had.
Wij zijn gezonden om u 's konings dank te brengen.
U naar hem te brengen, niet uw loon te geven.
Doch hij beval, als pand van hoger eer…
…u reeds als thaan van Cawdor te begroeten.
Heil dus, edele thaan, met uw nieuwe titel. Heil dus, edele thaan, met uw nieuwe titel.
Die hoort u toe.
Spreekt de duivel waarheid?
De thaan van Cawdor leeft. Wat hult gij mij in een geleend gewaad?
Die thaan geweest is leeft.
Maar rekt slechts onder 't zware vonnis z'n verbeurde leven.
Of hij zich met de Noren had verbonden of heimelijk de rebellen ondersteunde…
…of met beiden ons land in 't verderf wou storten, weet ik niet.
Maar hoogverraad, beleden en bewezen…
…bracht hem ten val.
Dank voor uw moeite.
Glamis en thaan van Cawdor.
Het grootste volgt nog. Hoopt gij niet, dat uw kind'ren koning worden? Het grootste volgt nog. Hoopt gij niet, dat uw kind'ren koning worden?
Daar zij die mij Cawdor maakten, dit aan hen beloofden?
Bouwt gij hier zo op, dan kon dit licht u tot de kroon ontvlammen…
…tot meer dan Cawdor zijn.
't Is vreemd.
Doch vaak, om ons in 't verderf te lokken…
…vertelt de duistere macht ons waarheden…
…en wint ze ons met eerlijke kleinigheden, om ons in het grote te verraden.
Die bovennatuurlijke loktaal kan niet slecht zijn of goed.
Indien slecht, waarom geeft ze me dan eerst iets waars?
Ik ben thaan van Cawdor.
Is ze goed, waarom bekruipt me 'n gedachte waarvan m'n haar te berge rijst?
En m'n kalme hart tegen m'n ribben bonst, in strijd met m'n natuur?
Echt gevaar doet onder voor m'n hersenspooksels.
Die moordgedachte, nog een hersenschim…
…schokt mij zodanig dat elke werking in die waan verstikt…
…en niets bestaat dan wat niet is.
Als 't lot mij koning maakt, kroon mij dan zonder dat ik me roer.
Kome wat mag.
Tijd en uren vliegen door de zwaarste dag.
'Ze ontmoetten mij op de zegedag.
En met zekerheid heb ik vernomen dat zij meer dan menselijke kennis bezitten.
Toen ik hen verder wenste te ondervragen…
…vervormden zij zich tot lucht en verdwenen daarin.
Terwijl ik mij daarover verbaasde…
…kwamen er afgezanten van de koning die mij begroetten als thaan van Cawdor.
De titel waarmee deze toverzusters mij toespraken…
…alvorens ze op de toekomst wezen met: "Heil u, die koning wordt." …alvorens ze op de toekomst wezen met: "Heil u, die koning wordt."
Dit wilde ik u mededelen, dierbaarste deelgenote van m'n grootheid…
…opdat gij uw aandeel niet missen zou…
…door onwetendheid van de grootheid u voorspeld.
Bewaar dit in uw hart, en vaarwel.'
Glamis en Cawdor zijt gij.
En zult zijn wat u beloofd werd.
Echter vrees ik uw aard.
Die is te vol van de melk der mensenliefde om 't naaste pad te nemen.
Gij wilt groot zijn.
Ook eerzucht hebt gij, maar niet de boosheid, haar rechterhand.
Dat wat ge wenst, wenst ge vromelijk.
Vals spelen wilt gij niet, wel vals gewin.
Spoed u hierheen…
…opdat ik u mijn geestdrift in 't oor stort.
En gesel met de kracht van mijne tong al wat u afhoudt van de gouden band.
Is Cawdor al geëxecuteerd?
Mijn vorst.
Ik sprak een man die hem sterven zag…
…en vertelt dat hij rondborstig z'n verraad bekende…
…uwe hoogheid om vergeving smeekte, vol van diep berouw.
Niets ging hem zo schoon af als de manier waarop hij 't leven liet.
Het scheen dat hij z'n dood had bestudeerd.
Hij wierp weg wat hem 't kostbaarst was, als ware 't een kleinigheid. Hij wierp weg wat hem 't kostbaarst was, als ware 't een kleinigheid.
Het is geen kunst om de mensenaard te lezen van 't gelaat.
Hij was een man op wie ik mij verliet.
M'n waarde neef.
Mij drukt de zonde der ondankbaarheid op 't hart.
Ik kan slechts herhalen: M'n schuld is meer dan alles kan betalen.
De dienst en trouw aan u bewezen, betalen zichzelf.
Wees welkom hier.
'k Heb u geplant en 't zal m'n streven zijn, u welig te doen groeien.
Edele Banquo, u komt niet minder toe, en elk erkenne dat gij niet minder deedt.
Laat me u omarmen en aan m'n hart u drukken.
Gedij ik daar, dan is de oogst voor u.
M'n grenzeloze vreugde, dartel van weelde, schuilt weg in tranen. M'n grenzeloze vreugde, dartel van weelde, schuilt weg in tranen.
Zonen, verwanten, thaans, gij allen die het naast aan ons zijt…
…weet dat wij het troonrecht overdoen aan m'n oudste zoon, Malcolm.
We noemen hem nu prins van Cumberland.
Die eer zal echter niet slechts hem verheffen.
Adeldom zal gelijk de sterren eenieder bestralen die 't verdient.
Thans naar Inverness. Verbind ons verder aan u.
Ikzelf zal uw heraut zijn en m'n gade…
…verblijden met de boodschap van uw komst, dus neem ik needrig afscheid.
M'n waarde Cawdor.
No comments yet. Be the first to leave one.