The first 200 lines.
KAMERS VRIJ
Heb je een kamer vrij?
Hé, man.
Heb je een kamer vrij?
GEEN KAMERS VRIJ
Klootzak.
Ik ga naar Mardi Gras en zoek een Mardi Gras-koningin.
Jeetje. Wauw, Mardi Gras.
Dat zal geweldig zijn, weet je.
Weet je wat we eerst moeten doen?
's Uitgebreid gaan eten.
Ja, dat geld laten rollen, man.
In de wildernis, langs alle kanten belaagd door cowboys en indianen.
Wat scheelt er? Ben je stoned? Apestoned, hè?
Nee, ik ben gewoon wat moe.
Je trekt je terug. Je bent heel afwezig vanavond.
Je bent heel afwezig, man.
Ik zet gewoon alles op een rijtje.
Kom op, tijd om te vertrekken.
Hé, Billy.
Doe dat niet, man.
Hallo, daar.
Wat kan ik voor je doen?
Ik wil m'n lekke band repareren.
Oké, ga je gang.
In de schuur ligt het nodige gereedschap.
Rustig, schatje. Rustig, liefje.
Zet dat ding af. Je maakt m'n paard onrustig.
Dat is een prachtige machine.
Ziezo.
Jullie mogen hier gaan zitten.
Wil je je hoed even afzetten?
Heer, wij danken U voor deze spijzen die U ons heeft gegeven.
In de naam van Uw eniggeboren zoon...
...Jezus Christus, onze Heer. Amen.
Waar komen jullie vandaan?
LA.
LA?
Los Angeles.
Los Angeles.
Echt waar?
Toen ik jong was...
...was ik op weg naar Californië, maar...
Wel, je weet hoe dat gaat.
Je hebt hier een aardig zaakje.
Ja, ik heb veel kinderen.
Mijn vrouw is katholiek, weet je.
Mogen we nog wat koffie?
Nee, ik meen het.
Je hebt een mooi stuk land.
Niet iedereen kan van 't land leven, weet je.
Je bent je eigen baas.
Je mag er trots op zijn.
Wat doe je daar, man?
Ik moet even met je praten.
Alles waarvan we droomden zit in die tank.
Je laat er 'n vreemde benzine opgieten.
Als hij er even in kijkt, ziet hij zo dat...
Hij kan niet zien wat het is.
Maak je geen zorgen. Alles is oké.
Ik weet het niet, hoor.
Ik wel.
Alles is oké, Billy.
Dat is al geregeld.
Dat bevalt me.
Hoe ver moeten we nog? - Geen idee.
Niet ver meer.
Dat zei je vanmorgen ook.
Soms zeg ik dat de hele dag.
Echt? Zeg je dat de hele dag?
Het is niet ver meer. We zijn er bijna.
Wij moeten naar Mardi Gras, man.
Daar verheug je je op, hè?
We hebben een week.
Dat is nog een week, man.
Het is ver naar Mardi Gras, maatje.
New Orleans is geen week rijden.
Ik denk dat ik ga slapen.
Was je wakker dan?
Ik zie hier van alles rondspringen.
Echt? - Ja, kijk.
Wat is het? - Een mot.
Een wat?
Een mot. Een insect.
Dit is een rare plek.
Ik krijg last van die rook.
Maar je blijft toch zitten.
Waar kom je vandaan?
Heb je een vuurtje voor me?
Waar kom je vandaan?
Moeilijk te zeggen.
Moeilijk te zeggen?
Waar kom je vandaan, man?
Dat is moeilijk te zeggen, omdat het een lang woord is.
Ik vraag gewoon waar je vandaan komt.
Een stad.
Uit een stad?
Maakt niet uit welke. Alle steden zijn hetzelfde.
Daarom ben ik hier nu.
Daarom ben je hier nu?
Waarom?
Omdat ik ver weg ben van de stad...
...en daar wil ik ook zijn.
Kennen ze je op deze plaats?
De plaats waar we naartoe gaan?
Of de plaats waar we nu zijn?
Deze plaats.
Je zit erop.
Zit ik erop?
De mensen van wie deze plaats is, liggen onder jou.
Je kan toch een beetje beleefd zijn.
Een beetje beleefd?
Dat is toch niet veel gevraagd.
Wil jij nooit iemand anders zijn?
Ik zou wel 's Porky Pig willen zijn.
Ik wou nooit iemand anders zijn.
Je kan me niet raken. Ik ben onzichtbaar.
Hallo, Sarah, hoe gaat het?
Rudolph, wat eet je daar?
Bedankt voor de spullen.
Hoe gaat het?
We kunnen geen vreemden meer kwijt. Er komen er te veel.
Ik heb het niet over jou en je vrienden.
Vorige week kwam Susan aan met 12 mensen uit Easter City.
Ze wou vijf kilo rijst meenemen.
Dat kon natuurlijk niet.
Ze werd boos, begint aan de hasj en wou 't niet delen.
Ze wilden vertrekken met hun bus...
...maar hij startte niet.
Je had niemand zoals ik om tegen te klagen, hè?
Je weet dat ik van je hou en ik wil dat je klaagt.
God, ik wil dat je klaagt. - Hou op.
Het interesseert vast niemand...
...maar ik wil je vriend wel ontmoeten.
Jij wil vast meer doen dan dat.
Ik vind hem knap.
Hij is knap.
Wat is dat rare ding op de heuvel?
Net een podium. Is hier een operagezelschap?
Het is van de mimegroep.
Ze zijn beneden bij de warme bronnen.
Mimegroep?
Hé, Lisa?
Wat betekent dit?
'Beginnen brengt ongeluk.
Volharding brengt gevaar.
Niet elke vraag tot verandering moet ingewilligd worden.
Maar herhaaldelijke en terechte klachten...
...moeten wel gehoord worden.'
Wel, als iemand...
Komt dat zien, komt dat zien.
We zullen voor jullie spelen voor ons eten.
Of beter gezegd... kwelen voor ons eten.
Of zelfs...
...stelen voor ons eten.
Oorlogvoerende mannen. Afschuwelijk.
We drinken van uw wijn.
Eten van uw eten en genieten van uw vrouwen.
Het water in de rivier is wel 27 graden.
En een eindje verderop is het ijskoud.
Kom op, ik moet het eten klaarmaken.
Wie stuurt mij weg?
Laat me los. Ik speelde voor jullie.
Eruit. Eruit.
Deze plaats zij vervloekt.
Ik vervloek jullie allemaal.
Kom, liefste, we spelen hier niet.
Hoepel op.
Ik mag jou wel.
Die mensen kwamen op 't einde van de zomer aan.
Te laat om te planten, maar 't weer was mooi...
...en 't leven aangenaam. Toen kwam de winter.
Ze woonden met 40 of 50 in één kamer.
Niets te eten. Ze zochten dode paarden langs de weg.
Wat ze maar konden krijgen.
Er blijven er nog 18 à 20 over. Stadskinderen. Kijk.
Maar ze zaaien gewassen.
Ze blijven tot ze geoogst zijn. Dat is alles.
Regent het hier veel?
Daarvoor zullen we moeten dansen.
Kijk 's hier, een zeeschelp.
Niets dan zand. Dat lukt nooit. Hier groeit niets.
Het zal hen lukken.
Het zal hen lukken.
We plantten onze zaden.
We vragen...
...dat onze inspanningen...
...eenvoudig eten opleveren...
...voor onze eenvoudige smaak.
We vragen dat onze inspanningen...
...beloond worden.
We danken U voor het eten uit andere handen.
Dat we het mogen delen met onze naasten...
...en nog guller mogen zijn...
...als het uit onze handen komt.
Dank U voor een plaats...
...om voor onszelf op te komen.
Amen.
Laten we eten.
Hoort, mensen. Kom maar binnen.
No comments yet. Be the first to leave one.