The first 200 lines.
Ga door, laat maar zakken. Laat maar vieren.
Rechts. Pak het touw, man.
Het touw zit vast.
Het gaat zo niet. Laat maar zakken.
Wees voorzichtig. Dat ding is niet goedkoop.
Hij is niet in balans. -Kijk goed uit.
KAMPIOEN WETENSCHAP WEST-JAVA NAAR NATIONALE OLYMPIADE
Wat nu?
Daar is Jati. -Tjonge, Jati.
Kampioen wetenschap. -Wat knap.
Laat mij maar even.
Kun je me horen? -Jazeker.
Oké. Nou even goed luisteren.
Een klein stukje naar links, voor jou rechts. Oké?
Doe het in twee keer. Ja, prima.
Oké. Goed zo? -Ja, zo hangt ie prima.
Meneer, daar is Jati.
Jati, gefeliciteerd. Je bent de beste.
De kampioen van West-Java.
Heel West-Java.
Felicitaties voor de cabaretgroep…
…die eerste zijn geworden bij de cabaretwedstrijd van de stad Bandung.
En dan nu de trots van onze school…
…Jati Ilhami.
Kom maar, Jati.
Kom maar naar voren.
Een historische zege.
De eerste van onze school, Bandung Raya…
…die zich plaatst voor de wetenschapswedstrijd op nationaal niveau.
Jati, onze kampioen.
Toe maar, Jati.
Zeg maar iets.
Toe maar. -Jati, zet 'm op.
Laat hem nou.
Niet verlegen zijn. Toe maar.
Schiet op, we hebben een proefwerk.
Laat ze je trofee maar zien.
Jati.
Moet je ze zien. Ik ben trots op je. Je schopt het verder dan wie dan ook.
Gaat het wel? -Schiet eens op.
Je doorbraak op nationaal niveau…
…enorm succes…
…en nu dan maar gewoon…
Kom op, man.
Jati.
Waarom rent hij nou weg?
Jati.
Wat is er nou?
Rustig maar. Haal even diep adem.
Rustig ademen.
Gewoon in- en uitademen.
Gaat het wel?
Je hebt net iets geweldigs gewonnen.
Daar moet je blij mee zijn, niet van in paniek raken.
Wat was dat nou allemaal?
Pure paniek.
Je hebt geen verhoging.
Komt het omdat je niet veel hebt gebeden, jongen?
's Ochtends… -Ik sla het gebed nooit over.
Jawel, dat doe je juist heel vaak.
Zodra je wakker wordt, meteen bidden en dan pas wassen en ontbijten.
Nu ben ik doodop. -Precies, je bent uitgeput.
Wat zeg ik nou de hele tijd?
Hier. Doe je jas aan.
Ik ken mijn kampioen toch als geen ander?
MEVROUW IIS - HOTELGAST
Momentje, Jati.
Hallo, mevrouw.
Ik ben er bijna. Ik zie u zo, bij het stadhuis.
Ja, daar wacht ik op u. Ik kom eraan.
Jati, hé.
Kom op.
Hallo, sorry dat u even moest wachten.
Geen probleem. -Laat mij maar even.
Laat maar, hij is erg zwaar. -Ik draag 'm wel.
Dank u. -Geen probleem.
De filosofie van ons hotel is simpel.
De gast is geen koning, maar familie. -Dat waardeer ik, meneer.
Toen heb ik mijn kantoorbaan in Jakarta dus opgegeven.
Met het hele gezin zijn we naar Bandung gekomen en daar vaart iedereen wel bij.
Daarbij vergeleken ben ik maar een slechte moeder.
Tja, ik ben zelf opgegroeid zonder vader.
Ik wil dat mijn zoon Jati…
…altijd het gevoel heeft dat ik er voor hem ben.
Wat mooi.
Ik wil dat hij slaagt in het leven, want succes brengt geluk.
Iedereen met succes is gelukkig, toch?
Zo is dat.
Dank u. Momentje. -Dank u.
Help hem even.
Meneer Uyan.
Zie je? Luister dan ook. -Het spijt me.
Waar bleef je nou?
Pas op. -Het ging in één moeite door.
Welkom. -Komt u maar, deze kant op.
Meneer.
Mevrouw.
Gaat het wel? -Prima, mama.
Duizelig? Ergens pijn? Misselijk? Lust je een kom soep?
Jongens.
Kom op.
Kom op.
Sneller. Ga door.
Zet 'm op, Jati. Je haalt het wel.
Kom op.
Doorzetten, ja.
Goed zo, Jati, uitstekend.
Hoeveelste was ik? -Zesde, niet slecht.
Waar is m'n vader?
Ik ga naar m'n vader toe. -Prima, toe maar.
Jati.
Wees 's eerlijk.
Deed je net uitgelaten toen je verloren had om meneer Juned een plezier te doen?
Kom.
Ga daar eens zitten.
Zitten.
Weet je wat ik elke dag zie vanaf die stoel?
Kijk eens. Kijk daar.
Al jouw trofeeën. Op al die foto's ben jij de kampioen.
Daar kijk ik naar.
Ik weet hoe hard je daar je best voor hebt gedaan.
Ik weet hoe moeilijk dat is.
En dat motiveert mij ook om me extra in te zetten.
Voor jou, Jati.
Ik heb maar een klein kantoor.
Dat kleine kantoor neem ik voor lief, jongen.
Jij moet dat niet voor lief nemen.
Jij moet veel hoger mikken.
Jouw toekomstige kantoor moet veel groter worden.
Het was maar een hardloopwedstrijd. Wat doet 't ertoe?
'Maar' een wedstrijd. Dat bedoel ik nou.
Toch?
Je weet dus wel wat het allerbelangrijkste is.
Ik studeer toch ook voor de olympiade? -De olympiade.
Dat is niet zomaar een wedstrijdje.
Het is nationaal. Over heel Indonesië.
Wat was 't ook alweer?
Hoeveel provincies zijn er nu? Vroeger waren het er 27.
Een stuk of dertig, vandaag de dag?
Het zijn er 38. -Ga dus maar na.
Je neemt het op tegen 37 net zulke knappe koppen als jij.
En die zitten onafgebroken te blokken.
Om van ze te winnen…
…moet je 37 keer harder studeren dan je gewend bent.
Ik wil dat je je helemaal daarop richt.
Ik sta altijd aan je zij. Als jij kampioen wordt, zal ik er zijn.
Ik zeg dit uit liefde voor jou.
Snap je?
Wat zullen we nou krijgen, Jati?
Ben je een kerel of niet?
Wat ben je nou voor watje? Wat zit je nou te janken?
Mogen we het zien?
Tel maar, vanaf drie.
Drie.
Twee, één.
Rustig.
Inbinden.
Ik weet al hoe het moet, maar jullie moeten nog veel leren.
Hé, Jati.
Kom op.
Toe maar.
Applaus voor Jati.
Ga je gang.
Zet 'm op.
Dit kun je best.
Dat kan hij nooit.
Op z'n bek.
Gaat 't wel? -Mislukt.
Zo kan ie wel weer. Niet je schoolvriend uitlachen, hoor.
Wat valt er te lachen?
Jati.
Rustig, nou. Maak je niet kwaad.
Rustig. -Ophouden, nu.
Wou je vechten? -Wou jij?
Kom maar op. -Doe nou rustig aan.
Meneer. -Meneer.
Heb je nou je zin?
Dewa, hou op.
Wat is er? -Wat doe jij nou?
Mijn zoon heeft niets misdaan. Hij werd duidelijk geprovoceerd.
Het spijt me enorm.
Ik lachte alleen. -U lachte mijn zoon uit, hè?
Ja, maar iedereen stond te lachen. Het was gewoon een grappig moment.
Ja, maar je hebt lachen en uitlachen.
Dit was duidelijk uitlachen. -Blijf kalm, meneer Jaya.
Jati is momenteel alleen geschorst, nog niet permanent verwijderd.
Hij hoeft niet altijd perfect te zijn.
Zulke dingen gebeuren nu eenmaal en hij zal er veel van leren.
Toch, Jati?
Mijn zoon heeft veel bereikt voor deze school.
Hij doet de school veel eer aan.
Ja, maar hij bleef ruzie zoeken en was echt uit op een gevecht.
Een uitzonderlijke leerling als hij… -Was jij begonnen?
Meneer… -Meent u dat nou?
Dat wil ik maar zeggen. Deze school verdient mijn zoon niet.
We gaan naar huis. -Meneer Jaya, blijf kalm.
Schat. -Genoeg zo, we gaan naar huis.
Belachelijk.
Het spijt me enorm. Excuseer. -Natuurlijk, mevrouw.
Mevrouw, pardon. Zou ik u nog even kunnen spreken?
No comments yet. Be the first to leave one.