As primeiras 200 linhas.
Weer bijvullen kost een stuiver.
Fooi.
25, staat. 175, mannen.
Wil niemand tegen mijn kampioen wedden?
Dan ga ik wel kaartjes verkopen.
Ik heb er drie. - Ik tien.
Het is wat. Nog iemand? - Ik heb er dertig.
Wat een krenten. Jullie hebben je kans gehad.
We zijn zover.
Alles mag, maar niet slaan als iemand ligt.
Goed, kom maar.
Wil je? Maak hem af.
Sla hem neer.
Sla hem neer.
Sta op.
Ik lust er nog wel een stuk of zes.
Nog wat citroen erbij.
Zeg het maar, maat. - Chaney.
En? - We kunnen geld verdienen.
Ik ben een en al oor.
Had jij dat gevecht geregeld? - Ja.
Ga je gang.
Zware tijd achter de rug? - Wie niet?
Bajes? - Ben je van de politie?
Ik wil graag weten wat voor vlees ik in de kuip heb.
Je ziet er wat versleten uit. En ik heb al een bokser.
Ja, die heb ik gezien. - Hij heeft me laten barsten.
Elke keer als ik ergens zit, denkt iemand dat hij goed is.
Maar ze komen alleen naar mij voor de poen. En ik neem de risico's.
Ik wil je poen niet. Ik heb zes dollar en verder niks.
Zet maar in.
Mijn vriend Speed is terug met een nieuwe potentiële winnaar.
Wie zet er in op deze man?
Ik zet hem op twee tegen één. Drie tegen één.
Kom op, mensen. Zulke wedden- schappen zie je maar zelden.
Jullie zijn vast niet zo traag als hij.
Er zit 150 dollar in de pot.
En ik nog eens 150 voor iemand die in een herhaling gelooft. Wie?
Oké, wie nog meer?
Wil je vijftien inzetten? - Oké.
Wacht even. We hebben nog zes dollar. Maar dat is ook alles.
Oké, hij is voor jou.
Hé, opa. Ben je hier niet wat te oud voor?
Het is een gouden regel, met geld maak je geld.
Hier is je twaalf. En een tientje om te besteden.
De verdeling regelen we nog wel.
Er is nog genoeg te halen. Maak je maar geen zorgen.
Oké, New Orleans... Speed komt weer thuis.
Slokje?
Nee?
Hallo, moppie. - Hoe is het gegaan, Speedy?
Trage start, snelle finish.
Hoeveel? - Quitte.
Fantastisch. - Gedraag je. Dit is Chaney.
Gayleen Schoonover, mijn verloofde.
Aangenaam, Mr Chaney. - Daar staat de auto.
Ik neem nu afscheid. - We moeten nog plannen maken.
Ik ga lekker de stad in. - En onze compagnonschap dan?
Ik hou niet van haasten. - Wat klets je nou?
Gedraag je, Speed. Zien we u nog, Mr Chaney?
Wellicht wel.
Niet vergeten, Dolphin Street 11. - Wie was die vent?
Dat zal ik je vertellen. Onze gouden kip.
Het lijkt erger dan het is. Door dat raam heb je veel zon.
En je kan het natuurlijk wat opknappen.
Ik heb nog wel wat meubels voor je.
Nee, het bevalt me wel.
Anderhalf per week.
Vooruit betalen.
Mag ik even gaan zitten?
Wil je praten of alleen maar zitten?
Hoe heet je?
Op wie wacht je? - Op iemand van wie ik koffie krijg.
Neem die van mij maar.
Woon je ergens in de buurt?
Daar heb je snel over gedaan. - Ik breng je wel naar huis.
Weinig kans.
In mijn geboorteplaats had een meisje twee keuzes.
Blijven en je dood vervelen of weggaan en je kans grijpen.
En hoe is het jou vergaan? - Kijk maar waar ik woon.
Ik heb het erger gezien. - Dat hangt van je eisen af.
En jij?
Ik kijk nooit vooruit. Mag ik binnenkomen?
Nee. Zo simpel is het niet. Mijn man zit in de bajes.
Geen baan, geen toekomst.
Ik wil je niet lastigvallen. - Wat wil je dan wel?
Ik zie je misschien nog wel.
Sta op. - Speed...
Fijn je te zien. Dat je nog tijd voor me hebt.
Kom op, we gaan beginnen.
Laat de Schone Slaapster maar. Die heeft nooit haast.
We hebben een belangrijke gast. Ga even een ontbijtje maken.
Wil je een deal sluiten?
Ieder de helft, weddenschappen en onkosten.
75 procent van de nevenweddenschappen voor mij.
60 procent voor mij, nevenweddenschappen delen.
Wat ik net zei is gangbaar. Ga het maar vragen.
We doen het nu anders. - Waarom zouden we?
Omdat je nu helemaal niets hebt.
Net zoals jij.
Ik financier alles. Ik neem het risico.
Oké... oké... Jij krijgt je zin.
Gayleen. Wat moet een man doen om hier wat te eten te krijgen?
Ik heb hier een goed gevoel over. We gaan lekker verdienen.
Ik heb al plannen. Iets voor volgende week.
We doen het rustig aan. Vier, vijfhonderd dollar.
Ik ben hier alleen om geld te verdienen.
En om de tijd te doden. - Dan weet ik wel wat beters.
Als ik genoeg geld heb verdiend, smeer ik hem weer.
We gaan alleen even kijken. Hoort bij je opleiding.
Ik wil even praten met iemand die tegen mij wedt.
Honderd dollar tegen die krullenbol. Op de lat.
Daar doe ik niet aan.
Doe het.
Wie is die gladjanus daar?
Dat is Chick Gandil, één van de grote jongens.
Die hufter heeft me al drie keer blut gemaakt.
We gaan hem kaalplukken.
Help hem overeind.
Daarom is hij de beste.
Hij is nog nooit verslagen. Er zijn maar weinig gegadigden.
Wat deed je daar?
Ik ben een fan van diverse religies.
En de Pinkstergemeente is best interessant.
Hoe is het met de dope?
Mijn financiële toestand voorkomt het maken van denkbeeldige reizen.
Mooi.
We gaan weer zaken doen. Ik heb een perfect iemand.
Chaney, dit is mijn oude vriend Poe.
Hij verzorgt al je verwondingen en andere dingen.
Twee jaar geneeskunde gestudeerd. - Dan ben je nog geen dokter.
In het derde jaar kwam ik onder een donkere wolk terecht.
Hij is gewoon een daas. - Ik heb iets met opium.
Een hardnekkige verslaving.
Sommige mensen zijn geboren verliezers.
Mag ik je handen zien?
Geen verdikte knokkels.
Geen botontkalking.
Maak eens een vuist.
Groot genoeg om een klap op te vangen zonder te breken.
Geen duidelijke constructiefouten. Een redelijk dikke huid.
Jij bent duidelijk niet het type wat Speed een bloeder noemt.
Ik zei toch dat hij goed was.
Hoeveel? - Tien procent van de winst.
Standaard.
Is Mr Le Beau er?
Ik heb duizend dollar nodig.
Dat is nogal wat. Hoe lang? - Twee dagen.
Ik heb al eens zaken met jou gedaan. - Ja, een jaar geleden.
En ik heb je terugbetaald. - Ja, je gaf me 300 dollar.
Maar dat had je geleend van Abboar en die heeft moeten wachten.
Ik was maar drie weken te laat. - Drie maanden.
Ik heb betaald. Wat maakt het uit?
Er is een groot verschil tussen mij en Abboar.
Ik geloof je op je woord.
Oké, Speed.
Dat is 950. - Ik zei duizend.
50 voor de lening en 50 voor elke dag totdat je terugbetaalt.
Je zet me wel onder druk.
Wacht hier.
Hoe lang blijf je weg? Ik wacht niet de hele dag.
Niet zo zeuren. - Als je maar niet gaat gokken.
Het is zakelijk.
Hallo, Speed. - Leuk je te zien, Chick.
Hoe is het met mijn poen? - Ik kom even betalen.
Prima. We maken allemaal fouten.
Al van mijn nieuwe bokser gehoord? - Ja.
Hij is goed. Misschien gaat ie wel wat doen met dat aapmens.
Het is geen geheim dat ik een standaarddeal heb.
Je moet duizend neerleggen. Ga je een bod doen?
Mijn mannetje begint pas. Ik wil hem niet te hoog inzetten.
Stel dat je het geld hebt, waar praat je dan over?
Vijf tegen één. - Drie tegen één.
Afgesproken.
Is er soms iemand overleden? - Het geld ligt er. Wat doe je?
Ik hou niet van die kunstjes. Zo makkelijk gaat dat niet.
In de pot zit nu 3000 dollar. Kom maar terug als je dat hebt.
Dus het gaat niet door? - Niet voor duizend dollar.
Ik zie je nog wel, Dempsey.
Ik voel me goed, Mr Pettibon.
We hebben een jongen die wel een interessant kan zijn.
Dat is wel een flink bedrag.
Ik weet niet of hij het kan. Hij is echt nog een groentje.
Bayou-bewoners laten zich niet piepelen. Wij zijn er, Mr Pettibon.
Ik zei toch dat het een goeie was.
Hoe hoog? - 2000 rooitjes.
Daar hebben we wat aan.
De schuldeiser aan de deur en de wolf verliest zijn kracht.
Ben je zo zeker van Mr Chaney?
Loopt de gans in de ganzenpas?
Ik ga sigaren halen.
Mr Pettibon, goed u weer te zien. - We hebben wat leuks voor u.
Heel goed. - Dat wist ik wel.
Dit is mijn verloofde. Miss Gayleen Schoonover.
Kent u Mr Poe nog? - Ja, leuk u weer te ontmoeten.
Dat is Chaney. Hij zegt nooit zoveel.
En als alles gaat zoals gepland, zegt hij straks helemaal niets meer.
Daar denken wij anders over. - U zei dat hij groen was.
Derde keer uit.
Zo groen ziet hij er niet uit. Maar dat bepaalt mijn mannetje wel.
No comments yet. Be the first to leave one.