لومړۍ 200 کرښې.
Ik, mijn broer... -Mijn fiets.
Niet in je stoutste dromen.
Bent u vrij? -Leuke vraag, maar m'n hart is al bezet.
Kan dit u overtuigen? -Meneer speelt op m'n gevoelens.
Wie moet ik doden? -Niemand.
Breng me in 20 minuten naar 't vliegveld.
Dan kan ik m'n sandwich opeten. Stap in.
't Komt goed uit. Ik ga iets nieuws uittesten.
Stoort 't als ik muziek opzet? -Nee. Maar vertrekken we?
Daar gaan we.
Meneer heeft geluk. 's Winters zijn er minder auto's.
Ja, ik heb geluk.
Door 't bezoek komen we nog te laat.
Doet u uw gordel om? Ik ga schakelen.
Geen probleem.
Hebt u kleingeld? -Nee.
Ik ook niet.
Was dat Daniel? -Wie anders? De luchtmacht?
Hem pakken ze niet.
Zwijg, want de politie zou 'n nieuw wapen hebben.
Wat is het? Een bom met vijgen?
Een geheim wapen.
Vervelend...
Verdomme. 298 km per uur.
Aandacht. Witte taxi met 298 km.
Ik herhaal, 298.
Goed ontvangen. We pakken hem.
Ik dacht al dat ze sliepen.
Een politieauto? -Nee, dat zijn vrienden.
We spelen altijd met elkaar.
Noteer jij z'n nummer.
Da's geen nummer, da's 'n e-mail.
Genoeg gespeeld. Opgelet.
Waarom stop je? -Ik rijd plankgas.
Nitro? -Een collega die 'n bar heeft.
Op basis van pastis. Als 't u interesseert, geef ik u 't adres.
Da's vriendelijk.
Wacht even. Is dat de TGV?
Ja, mooie machine, hè? Goed in de bochten...
maar rechtdoor is 't een traag beestje.
Waar moet u zijn? -Hier is goed.
Negentien minuten tweeëndertig.
Proficiat. Geen enkele klant houdt 't vol.
Als ik stop, gaat 't hoofd de zak in.
Bedankt.
Moet ik u hier afzetten? -Ja.
Ja. Inderdaad.
Bedankt voor uw medewerking.
Zeg, kennen wij elkaar niet?
Dan zou ik het me zeker herinneren.
Goede reis.
Emilien gelooft me nooit.
Wat is er aan de hand?
Niets. Een nachtmerrie. Ga maar weer slapen.
Wat doe je?
Niets. Ik kan al acht maanden niet slapen.
Door die bende?
Ze maken ons al lang belachelijk. Ik denk er steeds aan.
Ik heb 't gemerkt. Ik wil al lang met je praten.
En iedereen werkt eraan. Ze zijn ongrijpbaar.
Heb je me gehoord? -Ja. Ik ben blij datje erover spreekt.
Want 37 inbraken verkleed als kerstman...
Ja, en je gelooft niet meer in hem, hè?
Daar gaat het niet om. Maar wat gaan ze met Kerstmis doen?
Ik weet wat ik voor jouw kerst heb.
Da's lief, maar je kan niet helpen.
Ze moeten voor Kerstmis in de cel zitten.
Ik moet je spreken voor 't Kerstmis is.
Goed, we doen 't zo.
Wat doe je? -Ik ga naar kantoor.
Het is drie uur 's nachts.
Ja... goed... Dan is er minder verkeer. De files hangen m'n keel uit.
Die zijn er nu niet. -Het is beter zo.
Tot straks op kantoor.
Heb je even?
Lilly, ben je al wakker?
Ja. Om 4 uur 's nachts want m'n vriend repareert z'n auto.
Ik maak hem niet.
't Is winter en ik wil dat ie zich goed houdt...
als hij 't koud krijgt.
Als je tijd hebt, moet je 'n radiator installeren in bed.
Dan heb ik het ook niet meer koud alleen.
En niet alleen 's winters. Het hele jaar.
Zeg dat niet... -Raak me niet aan.
Daarna moet ik Jex gebruiken. -Wat is dat?
Da's om potten en pannen uit te schrapen, of vuilakken zoals jij.
Ik ga me wassen en ik kom.
Nee, nee, zo gaat het niet.
Je wast je, je wacht 'n uur tot de White Spirit is verdampt...
en dan kan je gaan werken.
Je bent in topvorm.
Toen ik thuiskwam, lag jij al te slapen.
Ik had geen slaap en wou iets nuttigs doen en geen tv-kijken.
We hebben geen tv.
Da's geen reden.
We hebben geen tv. Geen muziek, gordijnen of bank. Geen vaas.
Maar ik krijg ook geen bloemen.
We hebben wel 'n ijskast.
Vol jodiumlampen, maar ja... -Lilly.
We hebben 'n douche die naar benzine ruikt...
'n wasmachine voor autohoezen...
en 'n kast waar ik meer banden in vind dan kleren.
En we hebben ook, 't toppunt van luxe...
't bewijs van onze sociale klasse... 'n garage.
Wat heb je? Ongesteld?
Nee. Dat is het hem net.
Ik wil niet in 'n garage wonen. Ik ben 'n vrouw. Weetje wel?
Da's niet iets dat lacht en 'n zacht vel heeft.
Een vrouw beweegt, denkt en af en toe wil ze wat comfort.
En dat allemaal omdat ik aan auto's werk...
Vrouwen.
White Spirit ruikt goed.
Lilly, wat doe je?
Ik ga naar m'n ouders. -Ga je in 'n kazerne wonen?
Een kazerne met gordijnen en bloemen.
Lilly, zo gaan we niet uit elkaar. Vroeger woonde je hier graag.
Ja, maar nu niet meer. Ik heb 't je gezegd.
Jij woont hier met je auto.
En de garage is te klein voor ons.
Het is de auto of ik. Vaarwel.
Dag, meisjes. Aan het wandelen?
Het was een grapje.
Onder collega's, hè?
Prettige kerst.
Wat doe je hier? Heb je hier geslapen?
Nee, ik ben 5 minuten ingedommeld.
Vijf lange minuten, want het dossier staat op je wang gedrukt.
't Is zoals bij de bomen. Een ring is een jaar.
Volgens mij heb je minstens...
20 jaar geslapen.
Vergeet het. Vergeet wat ik zei...
Bij de politie kan niemand nog lachen.
En ik dacht dat 't hier leuk was.
Ga zo door en je zal je amuseren.
Mannen, ik heb verse weed. 100 frank per gram.
Geïnteresseerd? -Nee.
Topkwaliteit, van de hoogste... -...de hoogste...
Nee. Alsjeblieft, niet hier.
Jammer voor jullie. Dag.
Dag. -Zeg eens...
En cocaïne?
Rachid. -Nog 'n goede dag.
Wat is dit allemaal?
En wat zijn dat voor posters? -Bob Marley.
Dit is geen commissariaat meer.
Weet je dat er 'n bende is die ons al maanden uitlacht?
De bende van de kerstmannen? -Ja.
Goed dat die naam je iets zegt.
37 Inbraken in 8 maanden. Geen spoor.
Ik zocht overal. Niets.
Ik voel me leeg, dom. Nutteloos.
Weetje zeker dat ik bij Rachid geen opkikkertje moet kopen?
Het is om je te helpen.
Of... 'n ontbijt? Hè?
Wat denk je van 'n goed ontbijt?
Goed, een ontbijt dan.
Zo te zien had je honger.
Ik ga zo op in deze zaak dat ik niet eet.
Ik heb nachtmerries over dansende kerstmannen.
Vreselijk. -Houd op, 't is vreselijk.
Je veter is los.
Het is gauw Kerstmis.
Inderdaad, in juli was 't eenvoudiger.
In juli konden we ze niet pakken, maar nu bereiden ze hun slag voor.
Eén ding houdt me bezig:
waarom verkleden ze zich als de kerstman?
Wie wantrouwt een kerstman?
Hij is lief, geeft geschenken met z'n rood kostuum...
dat vaak te groot is...
ofte kort.
De ideale vermomming...
voor het verbergen...
van een pistool.
U bent geïnteresseerd in de universele mixer voor fruit, groenten en puree.
U heeft kinderen...
ledereen op de grond.
Politie.
Geen beweging. U wordt gearresteerd.
Wat is er gebeurd? -Na 8 maanden heb ik er één.
Hoe wist je dat 't een valse was? Ik bedoel... een bendelid.
Ken jij kerstmannen met 'n pistool?
Hoe heb je dat gezien?
Hij liet hem vallen. -De dommerik.
Je bent dom. -Nee, je bent dom.
De commissaris zal blij zijn.
Chef, we hebben er één. Verdomme, hij is er ook nooit.
Zitten en niet bewegen.
In afwachting zullen we stellen dat ik de chef ben.
Dit kantoor staat me wel, niet? -Overdrijf je niet?
Hij is er toch niet. Met zo'n vangst blijven we niet lang agent meer.
Intussen vertel jij ons watje met dat pistool deed.
Van wie heb je 't gestolen?
Alain, deze heer heeft 'n adres nodig.
Bouches du Rhône?
Als je iets vergeet, zoekt mijn collega in de gele gids.
Gaat 't zo? En dat pistool? Er staat 'n nummer op.
Wij kijken op de computer en even later weten we wie die wapen kwijt is.
De stommeling.
Hij stal het wapen van Gibert.
Dat kan niet. -Echt waar, kijk.
No comments yet. Be the first to leave one.