Οι πρώτες 200 γραμμές.
Béatrice!
Knippen, watergolven, manicuren.
200 francs, mevrouw.
U bent stipt op tijd.
Dank u wel.
En dit is voor je collegaatje.
200, 300, 400 en 500.
Tot ziens, Marylène. - Tot ziens, madame.
Hier.
Van mevrouw Trévie. - Dankjewel.
Heb je m'n sprei gezien?
Heb ik helemaal zelf gehaakt.
M'n badmuts zit nog in m'n tas.
Wil je 'm even aangeven?
Heb je er lang over gedaan, over die sprei?
Dank je.
Geen gezicht!
Ben jij dat? - Ja.
en daar ook?
Ja, ik was vijftien. Ik zat in de vierde.
Wil je na mij in bad? - Nee, laat maar.
Wat een knaap van een beer! - Ja.
Ik hou meer van de kleine.
Ik heb 'm al van kinds af aan.
We zijn nooit uit elkaar geweest.
Een trouwe vriend.
Mijne is zoekgeraakt toen ik met m'n moeder naar Parijs ging.
Toen je vader bij jullie wegging?
Nee, hij was al lang weg.
Zal ik 'n plaat opzetten?
Ja.
Wil jij even opnemen?
Hallo? - Marylène.
Hallo, Marylène?
Hallo? - Ik ben al klaar, ik vertrek nu.
Wil je nu? - Ja.
Ik kan helemaal niet.
Waar wil je met me naar toe? - Surprise.
Is 't een verrassing? - Ja.
Ik heb geen tijd, ik moet me aankleden.
Ben je naakt? - Ja, ik ben spiernaakt.
Goed.
Niet eerder dan over 'n kwartier dan.
Tot zo meteen.
Je moet altijd meteen klaar staan.
Jammer, anders zou je langer kunnen blijven.
Niet boos dat ik je wegstuur? - Nee, hoor.
Wil je dit opmaken?
Ja, dank je.
Pas op je bloes.
Welterusten.
Welterusten.
Zo ben je mooier, niet?
't Maakt je huid mooi glad.
Niet aankomen! Je zou alles verknoeien.
Nu ben je dus al achttien.
Hier.
Is dat voor mij? - Pak aan. 't bijt niet, hoor.
Bedankt. Had je niet moeten doen.
Je bent echt veel te lief.
Wat mooi. ..
Het is wol.
Mama!
Mama!
Kom je?
Ja.
Meneer belt me op m'n werk en zegt: ik kap ermee
Kun je 't je voorstellen? Ik kon niet eens antwoorden.
Hij deed 't expres, de schoft.
Me zo aan de kant zetten, over de telefoon.
Na drie jaar.
Ik heb 4 yoghurt en 6 eieren.
Ik ga Marylène opbeuren.
Hoeveel is 't? - Je krijgt ze cadeau.
Dat hoeft niet. - Jawel.
Hallo. - Hallo.
Ja.
Marylène.
Ja. - Hallo.
Je vrouw lijkt me best sympathiek zo aan de telefoon.
Dit is geen goed moment.
Ze klinkt nog jong. Waarom bedrieg je haar?
Kun je niet praten?
O nee, natuurlijk niet.
Kun je niet antwoorden?
Dacht je er zo vanaf te komen?
Met 'n telefoontje en 'n schop onder m'n kont?
Drie jaar weggegooid...
We kunnen morgen afspreken. - Als 'n idioot heb ik gewacht...
Elke dinsdag en vrijdag.
Meneer Bertin z'n tijd was kostbaar.
Heb je wel eens aan de andere dagen van de week gedacht?
Aan de maandag, de woensdag en de donderdag?
En de weekends?
Ja, de familie...
...zaken...
...en ik achter de hand.
Binnen handbereik, in 'n laatje.
Schoft!
Smeerlap!
Je hebt mijn leven verpest.
En nu ben ik te veel.
Je wilt dat ik verdwijn, hè?
Dat wil je, hè? Zeg 't dan!
Dat wil je.
Smeerlap!
Je wil dat ik crepeer.
Hallo?
Hallo? - Marylène.
Hallo! Hallo!
Klootzak!
Nee, Marylène.
Verdomme!
Hang toch op! - Laat 'm in z'n vet gaar smoren.
Misschien komt hij wel.
Zal ik je beer gaan halen? - Nee.
Jean Pierre, 't is te warm.
Wie mooi wil zijn, moet pijn lijden
Morgen in Antibes is 't warmer - Maar daar heb je de zee.
Ik zet 'm wat zachter, dan zanikt ze niet.
Snel, het smelt. - Dank je.
Dank je, Béatrice.
Dank je.
53 kilo. Al twee jaar hetzelfde.
Nou jij. - Ik weet 't zo wel.
Wat weeg je? - 45.
Jij weegt meer. - Nee.
Je weegt zeker 50. - Overdrijf niet.
Kom op.
Wat zei ik je? - Laat even.
48. - Zie je wel?
48 is geen 50. - 't Is dichter bij 50 dan bij 45.
Kom, we gaan. - Oké.
Weinig mensen, hè? - Dat is normaal na 15 augustus.
In Parijs is 't beter weer, hè?
Wat ruikt dat sterk.
Dat is de jodium.
Wat? - Jodium. Dat is heel gezond.
Diep inademen.
Tot waar gaat 't strand? - Je wou toch niet gaan kijken?
Dat kan ik hier nooit aan. - Dat komt nog wel.
Met dit weer is dat de enige mogelijkheid.
Laat ze toch!
Kom, laten we iets warms gaan drinken.
Waar zitten de mensen hier?
In hun villa's met dit weer.
En wie geen villa heeft? - Die kan naar de film, 't casino.
Of de bowling, of de bridgeclub...
En 's avonds? - Er is 'n goede disco.
Maar als je echt uit wilt gaan, moet je naar Deauville.
Hier is het een dooie boel.
Ontspan je. - Wat doe ik met m'n benen?
Die beweeg je zoals ik je gezegd heb.
Je hoofd zo.
Sorry. Dat ging per ongeluk.
Wees wat voorzichtiger! - Sorry, mevrouw.
Ga nou niet weg!
Dans je?
Kan ik niet. - Echt niet?
Nee, bedankt.
Temperamentvolle tante!
Volgens mij is ze zat.
Als je nog puf hebt, zou je met mij kunnen dansen.
Ik heb 't te warm. Ik ga zwemmen. - Kleed je aan, Marylène!
Doe niet zo dom, Marylène!
Ik wil zwemmen. - Niet doen!
En als ik nou toch wil?
Daar krijgen we gedonder mee.
Ben je gek? Die liggen allemaal te snurken in hun pyjama...
...snap je dat niet?
Alsjeblieft. - Kijk die huizen, alles donker.
Ik hoef me niet te verbergen.
Ben jij 't? - Ja, ik ben 't.
Ik heb warme croissants voor je meegebracht.
Hé, hoor 's.
Hij heeft me gevraagd of ik bij 'm wil intrekken.
Is dat goed?
Hier...
Je gaat er alleen op vooruit. Je hebt veel meer plaats.
Een cola, alstublieft.
Mooi weer voor ijs.
Ja.
Ben je met vakantie?
Ja.
Moet je niet naar 't strand?
Nee. - Hou je er niet van?
Op dit uur is 't een mierenhoop.
Naar 't strand moet je 's morgens vroeg gaan. Dan is 't leeg
Ben je voor 't eerst in Cabourg?
Ja.
Ik kom al in dit gat sinds ik 'n klein kind was.
't Is toch mooi hier? - Mooi?
Ja, dat is waar.
Cabourg, parel van de Normandische kust.
Z'n dijkje van 1200 meter, 't casino,
de fraaie parken, de strandboulevard,
't Grand Hotel met de kamer van Proust...
de zachte caramel...
De Garden Tennis Club, de golfbaan met 18 holes...
Voor de minder bedeelden de minigolf.
No comments yet. Be the first to leave one.